06 oktober 2026

Nee, een transitievergoeding is niet wettelijk verplicht bij een vaststellingsovereenkomst. Jij en je werkgever beëindigen het dienstverband samen met wederzijds goedvinden. Daardoor ontstaat niet automatisch recht op een transitievergoeding. Een vaststellingsovereenkomst hoef je niet te tekenen. Toch neemt een werkgever vaak minimaal een vergoeding ter hoogte van de wettelijke transitievergoeding op in het voorstel. Deze vergoeding vormt daarom vaak het uitgangspunt van de onderhandelingen. Vanuit dat bedrag wordt gekeken naar de totale afspraken over jouw vertrek, zoals een hogere vergoeding of andere voorwaarden.
De transitievergoeding is een wettelijke ontslagvergoeding uit artikel 7:673 van het Burgerlijk Wetboek. Bij verschillende ontslagroutes heb je hier recht op. Bij een VSO ligt dat anders. Jij en je werkgever maken samen afspraken over de vergoeding in een vaststellingsovereenkomst. De wettelijke transitievergoeding geeft daarbij vaak een eerste richtlijn voor het bedrag. Daarom zie je in veel vaststellingsovereenkomsten een vergoeding die minimaal aansluit bij deze wettelijke vergoeding.
Bij ontslag via het UWV, ontbinding door de kantonrechter en het niet verlengen van een tijdelijk contract geldt onder voorwaarden wel recht op transitievergoeding. Bij een VSO stem je zelf in met het einde van je arbeidsovereenkomst. Daarom heb je wettelijk gezien geen recht op een transitievergoeding en moet de vergoeding dus duidelijk in de overeenkomst worden opgenomen
De wet koppelt de transitievergoeding aan specifieke manieren waarop een arbeidsovereenkomst eindigt. Bij een VSO beëindigen werkgever en werknemer het contract samen. Daardoor ontstaat niet rechtstreeks het wettelijke recht uit artikel 7:673 BW. Een vergoeding van nul euro is juridisch mogelijk, maar daarmee hoef je niet akkoord te gaan.
Zonder jouw handtekening blijft het dienstverband bestaan. Je werkgever moet dan een andere ontslagroute volgen. Daardoor vormt de wettelijke transitievergoeding in de praktijk vaak een belangrijk uitgangspunt. Een zwak ontslagdossier geeft bovendien ruimte voor een hogere vergoeding. Goed onderhandelen over een vaststellingsovereenkomst begint daarom bij jouw positie.
Bij een vast contract heb je bij rechtsgeldig ontslag via je werkgever of de kantonrechter recht op een transitievergoeding. Bij een VSO ontstaat dit recht niet automatisch. Vergelijk het voorstel daarom met de vergoeding die je bij een andere ontslagroute zou ontvangen. Heeft je werkgever een zwak ontslagdossier, dan kun je vaak een hogere vergoeding onderhandelen.
Ook bij een tijdelijk contract bouw je vanaf de eerste werkdag transitievergoeding op. Bij niet-verlenging heb je onder voorwaarden recht op deze vergoeding. Bij tussentijdse beëindiging via een VSO moet je de vergoeding afspreken. Zonder tussentijds opzegbeding kun je bovendien salaris tot de oorspronkelijke einddatum meenemen in de onderhandelingen.
De wettelijke transitievergoeding bedraagt een derde bruto maandsalaris per volledig dienstjaar. Een deel van een dienstjaar telt naar verhouding mee. In 2026 bedraagt de maximale transitievergoeding € 102.000 bruto. Is je bruto jaarsalaris hoger, dan geldt maximaal één bruto jaarsalaris.
Voor de berekening telt meer mee dan alleen je basissalaris. Vakantiebijslag en bepaalde vaste en variabele looncomponenten tellen mee. Verdien je voor de berekening € 4.000 bruto per maand en ben je tien jaar in dienst, dan bedraagt de wettelijke transitievergoeding ongeveer € 14.400 bruto.

De ontslagvergoeding vormt slechts één onderdeel van de totale regeling. Ook de einddatum, juiste opzegtermijn, vakantiedagen, vakantiegeld, bonus en vrijstelling van werk hebben financiële waarde. Een concurrentiebeding kan eveneens invloed hebben op je positie na het ontslag.
Daarnaast moet de VSO correct zijn opgesteld voor je recht op WW. De overeenkomst moet duidelijk maken dat het initiatief voor beëindiging bij je werkgever ligt en dat er geen sprake is van een dringende reden. Daarom beoordeel je altijd het volledige voorstel en niet alleen de transitievergoeding.
Na twee jaar ziekte gelden extra aandachtspunten. Eindigt je arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid via de reguliere ontslagroute, dan heb je in beginsel recht op transitievergoeding. De ziekteperiode telt hierbij ook mee voor de duur van je dienstverband. Lees meer over ontslag bij ziekte.
Ook de Xella-uitspraak speelt hierbij een rol. Bij een slapend dienstverband moet een werkgever onder voorwaarden meewerken aan beëindiging met een vergoeding ter hoogte van de wettelijke transitievergoeding. Controleer daarom altijd de ontslagdatum, vergoeding en eventuele loonsanctie van het UWV.
Tijdens de eerste twee ziektejaren geldt in beginsel een opzegverbod. Je werkgever heeft daarnaast verplichtingen rond loonbetaling en re-integratie. Daardoor vraagt een VSO tijdens ziekte om extra aandacht. Een VSO tekenen terwijl je nog niet kunt werken kan gevolgen hebben voor een Ziektewet-uitkering. Ook een verkeerde einddatum kan financiële gevolgen hebben. Laat daarom eerst controleren wat beëindiging van het dienstverband betekent voor je inkomen en uitkeringsrechten.
Een transitievergoeding is niet automatisch verplicht bij een VSO. Toch vormt de wettelijke vergoeding vaak het startpunt voor een goede ontslagregeling. Je dienstverband, ontslagreden en de mogelijkheden van je werkgever bepalen hoeveel ruimte er ligt voor een hogere vergoeding. WRA Juristen controleert je transitievergoeding, WW-positie, einddatum, opzegtermijn en andere belangrijke afspraken. Jij betaalt zelf geen juridische kosten voor onze basisdiensten, omdat wij deze bij je werkgever neerleggen. Plan je gratis adviesgesprek en laat je VSO controleren voordat je tekent.
Gratis adviesgesprek Neem contact met ons op!